Posts Tagged ‘woorden’

Hoe schrijf je een tekst die staat als een huis?

september 18th, 2009

muur Hoe schrijf je een tekst die staat als een huis?Iedereen die wel eens een tekst schrijft, kent het. Je leest een zin en denkt: ‘hij loopt niet.’ Dat overkomt je misschien ook wel eens als je een tekst van een ander leest. Gevolg: je moet de zin nog een keer lezen en soms nog een derde keer. De meeste lezers nemen die moeite niet en stoppen met lezen. Dat is natuurlijk niet de bedoeling bij een tekst die jij schrijft!

Wat is er nodig voor een lekker lopende tekst? Het antwoord op deze vraag kwam uit onverwachte hoek. Een metselaar die ik sprak over het herstellen van de voegen van onze gevel, vertelde me iets over voegen dat me aan het denken zette over de opbouw van teksten.

Teksten bestaan uit woorden. Een aantal woorden achter elkaar vormt een zin en een paar zinnen vormen een alinea. Zo bouw je aan een tekst. Je zou kunnen zeggen dat je zinnen de bakstenen van je tekst zijn. Als je ze echter op elkaar stapelt, blijven ze misschien wel liggen, maar ze vormen nog geen muurtje.

Wat heb je nodig om die zinnen aan elkaar te metselen? Metselaars gebruiken specie. Schrijvers hebben structuur- en signaalwoorden. Structuurwoorden zijn woorden die verwijzen naar andere woorden: ‘hiermee’, ‘daardoor’, ‘waarin’, maar ook ‘het’, ‘ze’ en ‘deze’ bijvoorbeeld. Signaalwoorden zijn verbindingswoorden die een signaal afgeven dat de lezer in een bepaalde richting laat denken. Hierbij moet je denken aan woorden als ‘want’, ‘dus’ en ‘ook’. Maar ook aan verbindingszinnen als ‘Onderstaand noem ik drie factoren die het u gemakkelijker maken een nieuwe keuken te kopen’.

Een tekst die wat ‘houterig’ loopt of staccato klinkt, kan lijden onder te weinig signaal- en structuurwoorden. De losse woorden of losse zinnen moeten nog aan elkaar verbonden worden. Natuurlijk zijn er vast ook andere oorzaken te benoemen voor een tekst die niet goed loopt. Maar ga eens op zoek naar de structuur- en signaalwoorden in een tekst die niet goed loopt. Misschien moet je tekst gewoon wat meer structuurwoorden krijgen.

De metselaar die ik onlangs sprak, vertelde me dat de voegen (de specie dus) 20 tot 25% van het totale geveloppervlak besloegen. Dat percentage is gelijk aan het percentage structuur en signaalwoorden in een lekker lopende tekst. Toeval? Ik denk het niet.

(c) Suzanne Meijles, ProTaal

Wil je reageren op dit artikel? Je reactie op dit artikel is zeer welkom. Je kunt hiervoor het onderstaande formulier gebruiken.

Waarom grote woorden weinig zeggen

september 17th, 2009
Veel zelfstandige dienstverleners die ik ontmoet, gebruiken op hun website taal die meer vragen oproept dan beantwoordt. Er staan zinnen als “ik ondersteun, begeleid en coach organisaties met het implementeren van financiële structuren.” Heb jij dan enig idee wat ze doen? Ik niet. Ik voel me hooguit een beetje dom dat ik het niet meteen begrijp.
Mensen die op je website komen en niet direct begrijpen wat jij hun te bieden hebt, klikken je website meteen weg. Als je deze woorden in, bijvoorbeeld een netwerkgesprek gebruikt, kan je gesprekspartner altijd vragen wat je dan precies doet (als hij tenminste nog durft). Maar op je website heb je die kans niet.
 
Mensen gebruiken vaak moeilijke woorden om goed over te komen. Het resultaat is echter omgekeerd. Je loopt de kans dat bezoekers van je website denken dat je ‘gebakken lucht’ verkoopt. Terwijl de meeste zelfstandigen die ik ontmoet werkelijk heel waardevol werk voor hun klanten doen. Niks gebakken lucht.
 
Hoe komt het nu dat zulke nietszeggende woorden op een website terecht komen? Meestal zijn het woorden die de schrijver gewend is geraakt. De meeste zelfstandigen werkten eerst in loondienst, in een branche waar iedereen in die terminologie sprak. Waar het geaccepteerd werd, waar er misschien een grote naam van het bedrijf waar ze werkten achter ze stond.
 
En als je dan voor jezelf begint, wil je misschien laten zien dat je ook te vertrouwen bent zonder die grote naam van dat bedrijf achter je naam. En dus gebruik je woorden die eigenlijk niet zo veel zeggen. Je website is voor veel potentiële klanten een manier om jou (beter) te leren kennen. Het kunnen vertellen in duidelijke taal wat je te bieden hebt, is daarbij heel belangrijk.
 
Moet je dan jip-en-janneke-taal gaan schrijven? Nee, van mij niet. Duidelijke taal is iets anders dan kinderlijke taal. Maar in de praktijk zal het wel betekenen dat je meer moet uitleggen dan je in eerste instantie misschien denkt.
 
Woorden als ‘implementeren’ en ‘financiële structuren’ lijken heel toegankelijke begrippen als je er dagelijks mee werkt, maar op je website zul je soms meer woorden moeten gebruiken om uit te leggen wat dat dan precies is. En natuurlijk beschrijf je ook in duidelijke en concrete woorden wat het de klant oplevert als hij jou inhuurt.
 
Schrijven is niet meer (en niet minder!) dan praten met je lezer. Op je website is dat misschien wel het allerbelangrijkste. Spreek de taal van je lezer, je potentiële klant. Stop met  nietszeggende woorden. Verwoord de dienst die je levert en het resultaat voor de klant concreet en helder. Dan zul je zien dat meer klanten je weten te vinden.
 
© Suzanne Meijles
Wil je reageren op dit blog? Graag! Hiervoor kun je het reactieformulier hieronder gebruiken.

Laat jij je klanten aan je ruiken op je website?

juli 7th, 2009

neus 150x150 Laat jij je klanten aan je ruiken op je website?Het is niet meer dan twee jaar geleden dat ik dacht dat mijn website een noodzakelijk kwaad was. Ik had een website, was er ook best tevreden over, zowel met het beeld als met de tekst. Ik kreeg ook complimenten over de uitstraling. Voornamelijk van vrienden en bestaande klanten, trouwens.

Maar nieuwe klanten kreeg ik niet met mijn website. Mijn verklaring toen: het gaat toch om het persoonlijk contact. Ik was sceptisch, niet alleen over websites, maar eigenlijk ook over marketing en internet.

Maar nu word ik gebeld en gemaild door mensen die ik nog nooit persoonlijk heb gezien. Sommigen wonen zelfs niet in Nederland. Maar ze hebben vragen waar ik ze bij kan helpen. En dat doe ik graag. Ze worden klant, nog zonder dat ze mij hebben ontmoet. Is dat magie? Nee, ik heb ingezien wat de kracht is van de wervende tekst en van marketing. Natuurlijk heb ik ook persoonlijk contact, maar het is voor mij niet meer de enige manier.

Het is namelijk heel goed mogelijk om met je website klanten te werven, weet ik nu. De meeste bezoekers worden waarschijnlijk niet na 1 bezoekje aan je website klant, maar er zijn veel zaken op je website waarmee je je bezoekers kunt overtuigen om klant van je te worden. Goede, wervende teksten zijn daarvoor cruciaal.

Veel websites zijn brochures, een uitgebreide beschrijving van “wat doen wij”. Of een verlengd visitekaartje “wie ben ik”. Ook beschrijvingen van missies en visies zijn op veel websites niet van de lucht. Wanneer heb jij voor het laatst een missie of visie op een website gelezen? En àls je dat al een keer gedaan hebt, doe je dat op die website echt niet nog een keer.

Waarom is wervende tekst bij het verkopen van een dienst zo belangrijk? Voor het antwoord moet je eerst het verschil kennen tussen het verkopen van diensten en producten.

Stel je wilt een product kopen, een iPhone bijvoorbeeld. Dan kun je de iPhone van een vriend even vasthouden, even proberen. Daarna kun je in een winkel verschillende soorten bekijken, er een kopen en eventueel terugbrengen als die niet bevalt. Uit onderzoek naar verkoop van producten is trouwens gebleken dat mensen eerder geneigd zijn een product te kopen als ze het in hun handen hebben gehouden.

Maar jij wilt een dienst verkopen. Je organiseert bijvoorbeeld evenementen. Dat kun je niet even vasthouden, dat kun je niet terugbrengen als het niet bevalt. Het verkopen van een dienst is dus een ander vak dan het verkopen van een product. Hoe verkoop je iets wat je niet kunt aanraken, niet kunt proberen, niet kunt terugbrengen?

Wat kun je nu doen om met je website meer klanten aan te trekken? De juiste woorden kiezen, daar gaat het om. Met tekst kun je je bezoeker laten ruiken, voelen, proeven aan jouw dienst. Met een dienst kun je dat doen door jouw dienst zo te beschrijven dat je lezer precies die emotie krijgt die jij wilt.

Schrijf over de problemen van je lezer, zijn angst, over de hobbels die hij of zij in het leven ervaart. Laat zien dat je je lezer begrijpt. En waar jij bij kunt helpen. Als je dienst voor een groot deel bestaat uit jou, dan is het handig als je laat zien wie je bent. Met een foto natuurlijk, maar ook weer met tekst. Laat je kennen, net zoals je zou doen als iemand je in het echte leven vraagt wie je bent en wat je doet.

Wervende teksten zijn meer dan “gewoon reclame”. Het is een ultieme manier om je website-bezoeker aan je te laten ruiken, voelen en proeven. Durf jij dat aan?

Wil je reageren op dit artikel? Dat waardeer ik enorm! Je kunt je reactie hieronder achterlaten. Daarvoor mijn dank.

© Suzanne Meijles

Tijd om je website te updaten?

mei 7th, 2009

Je hebt al een tijdje een website. Die werkt prima als een soort verlengd visitekaartje: de mensen die je ontmoet, verwijs je met een gerust hart. Hoewel…. Nu het qua werk wat rustiger is, neem je weer eens een kijkje op je eigen site. En: je schrikt!

Heb jij dat werkelijk geschreven? Al die lange zinnen, afschuwelijk formele woorden. Je kunt je niet meer herinneren dat je er echt trots op was. Wat nu?

Eens in de zoveel tijd moet je je website aan een kritische blik onderwerpen. En als je even wat minder werk hebt, is dat een uitstekend moment. Erno Hannink schreef overigens in een mooi artikel welke dingen je nog meer kunt doen op het web in rustige tijden: http://www.ernohannink.nl/archives/2009/05/05/10-dingen-die-je-juist-nu-kunt-doen/

Met een aantal simpele ingrepen kun je je website updaten:
1. Kijk of alle informatie op je website nog klopt. Informatie die verouderd is of niet (meer) klopt, verwijder je meteen.

2. Neem je homepage onder de loep. Dat is de pagina die het meeste dienst doet als visitekaartje. Heb je duidelijk vermeld wie je doelgroep is en tegen welke problemen je doelgroep aanloopt? Vertel ook wat jij te bieden hebt.

3. Ga na of je op elke pagina een oproep tot actie doet. Vertel je bezoeker letterlijk wat je wilt dat hij doet. Bijvoorbeeld “Wil je meer weten over …. (jouw dienst), neem dan contact met me op. We kunnen dan eens vrijblijvend over jouw vraag van gedachten wisselen.”

Als je nog meer tijd hebt, kun je aan de volgende zaken aandacht besteden:
4. Beoordeel je website op toon. Is het duidelijk wie je aanspreekt? Wil die doelgroep met “je” of “u” aangesproken worden? (Zie ook mijn gastblog op http://www.getclientstips.nl/getclientstips/2009/05/gebruik-je-je-of-u-op-je-website-.html

5. Doe je inmiddels meer of andere dingen dan je website vertelt? Pas je website hierop aan: schrijf wat je (nieuw) doet, voor wie je dat doet en wat je klanten daarvan vinden.

Nog een laatste tip: voer één stap per keer uit. Je hoeft echt je website niet in één keer helemaal te vernieuwen. Als je er elke dag een uurtje aan kunt werken, heb je vast al veel gedaan aan het einde van week!

Hoe vergaat het updaten van je website jou? Ik ben benieuwd. Als je wilt reageren, graag. Dat kan hieronder.

© Suzanne Meijles

Feedback geven in je eigen woorden: kan dat?

oktober 13th, 2008

Vorige week gaf ik een workshop feedback, in Zwolle. Erg interessant, ook voor mij, want ik werkte die dag met een acteur. Als je ooit een communicatietraining hebt gedaan, ken je vast het begrip Feedback.

Je kunt feedback gebruiken om het positieve of negatieve gedrag van de ander te benoemen. Daarbij is het belangrijk te beschrijven wat het gedrag van de ander met jou doet, welk gevoel het jou geeft. Maar het geven van feedback in de praktijk blijkt niet altijd even gemakkelijk.

Als je de feedback geeft met het model dat je tijdens de training geleerd hebt, dan kun je een gekunstelde zinsconstructie krijgen: “Ik zie dat je je kopje altijd óp de vaatwasser laat staat. Dat geeft me een vervelend gevoel. Zou je in het vervolg zelf je kopje in de vaatwasser willen zetten?”

Helemaal volgens de regels, want:

1. je zegt wat je ziet / opmerkt

2 je beschrijft wat het met je doet

3 je geeft een alternatief.

Toch komt de feedback waarschijnlijk niet aan als je het op de bovenstaande manier doet. Sterker nog, de kans is groot dat je “Ben je op cursus geweest?” als reactie krijgt. Niet echt effectief dus.

Hoe komt het nu dat het zo moeilijk blijkt om feedback te geven in je eigen woorden? Daar zijn verschillende antwoorden op mogelijk. In de eerste plaats is feedback geven een vaardigheid. Die is er niet van het ene op het andere moment. Je moet ermee oefenen.

Dat oefenen doe je met het model dat je krijgt aangeboden. Dat model heb ik hierboven heel kort samengevat. Het geeft niet aan hóé je de woorden vindt. Daarom verval je in eerste instantie in “Ik zie dat…” etc. Dat zou je als tweede reden kunnen aanduiden: het is moeilijk een nieuw model direct te vertalen naar je eigen stijl. Iedereen heeft een eigen stijl van communiceren. Niet iedereen kiest dezelfde woorden of maakt even lange zinnen. Bovendien is er de toon, de intensiteit, hardheid, … die de boodschap altijd vergezelt.

Maar nu, is het mogelijk om feedback te geven in je eigen woorden? Ja, dat kan! Hoe? Daarvoor geef ik je een aantal adviezen:

1. Bedenk beginnen van zinnen waarmee je aangeeft dat je iets hebt gezien of opgemerkt. Ik noem een aantal mogelijkheden: “Tijdens je presentatie viel me op dat….” “De laatste tijd zie ik je steeds vaker ….” “Het is me al een paar keer opgevallen dat…” “Vanmorgen zag ik je …”

2. Probeer die eerste delen van zinnen hardop uit. Wees kritisch op jezelf. Komt de zin makkelijk uit je mond? Of hakkel je een beetje? Als je maar een beetje struikelt, zoek dan liever een alternatief.

3. Wees zo specifiek mogelijk over de situatie waarover je feedback wilt geven. Neem je gesprekspartner mee naar het moment waar jij het over wilt hebben. Schets het kader. Dat betekent ook dat je waarschijnlijk meer woorden gebruikt dan je denkt dat nodig is. Een voordeel is dat je een klein verhaaltje vertelt, waarmee je gedwongen wordt om je eigen woorden te gebruiken.

Bijvoorbeeld: “Gisteren, toen jij met Pieter in gesprek was hier, over de weekstaten, toen zat ik aan de telefoon met een klant. Die klant had een probleem met zijn software, maar ik kon hem bijna niet verstaan omdat jullie met elkaar aan het praten waren.”

4. Ga na bij je gesprekspartner of hij je observatie herkent. Dit is een stap die veel vergeten wordt. Maar het kan heel goed zijn dat je gesprekspartner even helemaal niet weet waar jij het over hebt. Vraag dus of hij weet waar jij over spreekt.

Bijvoorbeeld: “Herken je dat?” of “Weet je waar ik het over heb?” of “Zie jij dat ook zo?” Ook hier geldt weer: probeer zo’n zinnetje eerst eens uit (op het “droge”) en vindt uit hoe jij het het liefste zegt.

5. Beschrijf je gevoel specifiek. Als jij zelf te horen krijgt: “dat vind ik niet leuk.” Dan is dat een gevoelsbeschrijving, maar je kunt je er niet zo veel bij voorstellen. Als iemand tegen je zegt: “Ik krijg het gevoel dat je me niet serieus neemt en dat maakt me erg verdrietig.” Dan is dat specifieker, het is veel duidelijk wat het gedrag van de ander met jou doet. Dát maakt feedback effectief!

6. Geef niet te snel een alternatief. Er is een derde reden waarom feedback vaak zo gekunsteld klinkt. Mensen die het geven, willen meteen hun hele verhaal doen, met observatie, gevoel en oplossing. Of mensen geven direct een oplossing, zonder hun gevoel te omschrijven. Neem van mij aan: in veel gevallen is het voldoende om alleen de feiten te beschrijven. In bijna alle gevallen is het genoeg om je observatie én je gevoel weer te geven. Je geeft eigenlijk alleen een alternatief als (1) de ander daarom vraagt of (2) de ander het in de toekomst anders móét doen. In dat laatste geval kun je je afvragen of je wel feedback geeft….

Tot slot: het geven van feedback is een kunst. Je leert het niet van de ene op de andere dag. Gewoon veel oefenen is het devies! Ik hoop dat de bovenstaande adviezen je helpen om de woorden te vinden die bij jou passen. Dan is het geven van feedback een prachtige manier om de ander te laten weten wat zijn gedrag met jou doet.

De volgende keer zal ik een artikel schrijven over feedback ontvangen. Dat is, zo mogelijk, nog moeilijker.

Suzanne Meijles ©

Het geheim van een overtuigende tekst

september 11th, 2008

Je hebt vast wel eens een tekst moeten schrijven waarmee je iemand moest overtuigen. Natuurlijk zijn er mensen die dat voor hun beroep doen, maar idereen heeft er wel eens mee te maken. Misschien moet jouw tekst zo veel mogelijk mensen enthousiast maken voor een symposium dat je organiseert of wil je dat gewoon iedereen netjes zijn weekstaten invult.

Wat je ook je specifieke opdracht mag zijn, het komt erop neer dat je lezer iets doet wat jij wilt. De vraag is nu: hoe schrijf je een tekst die overtuigt en daarmee mensen aanzet tot actie? In dit artikel lees je wat het geheim is van een overtuigende tekst. En hoe jij je tekst met een aantal eenvoudig toe te passen adviezen overtuigend maakt.

Het geheim van een overtuigende tekst is dat je moet weten dat je lezer lui is. Hij zit niet op jouw tekst te wachten. Is dat een anti-climax? Het is wel waar! En je moet zorgvuldig met die kennis omgaan, het zo inzetten dat het je wat oplevert.

Je lezer leest jouw tekst het liefste niet! Hij doet alles om maar zo min mogelijk te lezen. Je tekst moet daarom verleiden, prikkelen, snel te lezen zijn én een hapklare boodschap bevatten. Klinkt dat eenvoudig? Misschien, maar het in de praktijk brengen is zeker lastig.

Daarom geef ik je een aantal praktische handvatten die je kunnen helpen om je tekst meer overtuigingskracht te geven:

Schrijf kernachtig en gebruik veel wit. Maak het je lezer makkelijk: maak je zinnen en alinea’s kort. Blijf schrappen in je tekst totdat er staat wat je bedoelt. (Vaak is de helft van je oorspronkelijke tekst al genoeg). Gebruik veel wit, want dan kan je lezer eenvoudig ‘scannen’ en overgaan naar een stuk tekst dat hij interessanter vindt. Belangrijke zinnen of woorden vet maken kan hierbij ook helpen (niet te veel, want dat doet het effect teniet).

Beschrijf de situatie vanuit de lezer en niet vanuit jezelf. Schrijvers zijn ertoe geneigd vanuit hun eigen perspectief te schrijven. Dat boeit de lezer over het algemeen geen zier. Het enige waarin een lezer écht geïnteresseerd is, is hijzelf. Op de een of andere manier moet het hem iets opleveren. Zeg eens eerlijk: waarom lees jij dit artikel? Toch ook omdat je hoopt dat je er iets mee kunt doen?

Beschrijf de voordelen zó, dat mensen er zin in krijgen. Als je de voordelen van de lezer zó beschrijft dat hij het plaatje voor zich ziet, dan zal hij eerder geneigd zijn om te doen wat jij wilt. Dus liever: “Een bezoek aan het symposium geeft je in één dag een update van alle relevante vakkennis van het afgelopen jaar.” En niet: “Veel sprekers hebben jarenlange ervaring en vertellen over hun onderzoek”.

Maak het persoonlijk. Schrijf je lezer rechtstreeks aan met je (of u). Schrijf voor één lezer, bijvoorbeeld je favoriete klant, je ideale workshopbezoeker, de meest enthousiaste collega. Je zult zien dat het schrijven gemakkelijker wordt. Maar ook het resultaat is vlotter, directer en persoonlijk.

Zin gekregen om een overtuigende tekst te schrijven? Ik lees graag wat mijn adviezen je brengen. Mail me jouw succesverhaal op info@protaal.nl.

Blijft het moeilijk om te adviezen in de praktijk te brengen? Reserveer dan 20 oktober in je agenda. Dan leer je in een ProTaal-najaarsworkshop de fijnste kneepjes van de overtuigende tekst.

Suzanne Meijles