Archive for the ‘Schrijven - tips’ category

Wat je nog niet wist over Calimeromarketing 2.0

oktober 7th, 2009

Calimeromarketing 2.0Online marketing is hip. Kleine ondernemers, freelancers en zzp’ers zijn hot. Calimeromarketing 2.0 van Karen Romme komt dus als geroepen. Laagdrempelige adviezen in een prachtig vormgegeven boek. Met behoorlijk wat media-aandacht. Wat weet je nog niet over dit boek? En moet je wel weten? Je leest het in dit blog.

Ik ga je niet vertellen welke laagdrempelige adviezen Karen Romme allemaal geeft in haar boek. Daarvoor moet je het gewoon lezen. Het is geschikt voor kleine zelfstandige ondernemers die zich misschien nog een Calimero voelen tegenover grote bedrijven. Maar ook als je je al vrij zeker voelt, voel je je na het lezen van het boek (nog een beetje) trotser.

Calimeromarketing 2.0 weet 175 pagina’s lang te boeien. Hoe komt het dat het leest als een trein? Er zijn volgens mij een paar redenen te noemen. En die redenen leren je stuk voor stuk hoe ook jij zo kunt schrijven. Zodat je lezers ook jouw teksten met gemak en bewondering lezen.

Karen Romme spreekt de lezer voortdurend aan, zonder daarbij opdringerig of irritant te worden. Ze vertélt haar adviezen voor kleine ondernemers. De toon die ze weet te vinden, is respectvol en persoonlijk. Hoe ze dat voor elkaar krijgt, zie je in het volgende voorbeeld: “Laat bij het lezen van de spelregels en het nadenken over jouw marketingplan je enthousiasme niet temperen door je eventuele gebrek aan computerkennis.”

In deze zin zorgt de gebiedende wijs (“Laat…”) er in combinatie met de persoonlijke woorden “jouw” en “je” voor dat je je aangesproken voelt. Daarnaast word je ook nog gerust gesteld dat het niet uitmaakt als je een “eventueel gebrek aan computerkennis” hebt. Die empathie maakt dat ik denk dat zij precies snapt waar ik behoefte aan heb.

De tweede reden dat het boek zo prettig leest, is dat Karen Romme zich bewust is van de verschillende lezers die het boek trekt. Die lezers hebben niet allemaal dezelfde vragen. Ze is hier heel helder over: “Wellicht kom je ook een aantal dingen tegen die je allang weet. Sla die alsjeblieft over (…).”

Het is heerlijk om in een boek toestemming te krijgen om zaken over te slaan, iets wat ik overigens weinig heb gedaan. Ook hier weer het inlevend vermogen in mij als lezer. Het geeft me het gevoel serieus genomen te worden.

Verder zorgt de afwisseling van korte zinnen en lange zinnen dat de tekst vaart krijgt. Bijvoorbeeld: “En je zult keuzes moeten maken” (kort, 6 woorden) en direct daarachter “Grote bedrijven met duizenden mensen en miljoenenbudgetten lukt het niet om alles voor iedereen goed te doen, laat staan dat dat kleine bedrijven met minieme budgetten wel lukt” (lang, 28 woorden).

Tot slot is de taal van het boek eenvoudig en laagdrempelig, maar zeker niet kinderachtig. Ook dat is een kunst. Karen Romme laat zien dat ook een boek bijna een gesprek kan zijn: een gesprek van haar met jou, de lezer. Geen jip-en-janneke-taal, maar gewoon een gesprek van ondernemer tot ondernemer. Zoals je verwacht dat ze het ook zal doen als je haar tegenkomt.

En dat is precies wat ik hoop dat ook jij weet te bereiken als je een tekst schrijft. Dat je je lezer kent, hem of haar aanspreekt alsof je hem of haar dagelijks spreekt. Dat je hem of haar helpt bij haar vragen en twijfels. Dan snap je dat je lezer niet jouw lezer is, maar dat jij zijn schrijver bent. Karen Romme heeft dat goed begrepen.

Wil je reageren op dit artikel? Graag! Je kunt hieronder je reactie achterlaten.

Hoe schrijf je een tekst die staat als een huis?

september 18th, 2009

muur Hoe schrijf je een tekst die staat als een huis?Iedereen die wel eens een tekst schrijft, kent het. Je leest een zin en denkt: ‘hij loopt niet.’ Dat overkomt je misschien ook wel eens als je een tekst van een ander leest. Gevolg: je moet de zin nog een keer lezen en soms nog een derde keer. De meeste lezers nemen die moeite niet en stoppen met lezen. Dat is natuurlijk niet de bedoeling bij een tekst die jij schrijft!

Wat is er nodig voor een lekker lopende tekst? Het antwoord op deze vraag kwam uit onverwachte hoek. Een metselaar die ik sprak over het herstellen van de voegen van onze gevel, vertelde me iets over voegen dat me aan het denken zette over de opbouw van teksten.

Teksten bestaan uit woorden. Een aantal woorden achter elkaar vormt een zin en een paar zinnen vormen een alinea. Zo bouw je aan een tekst. Je zou kunnen zeggen dat je zinnen de bakstenen van je tekst zijn. Als je ze echter op elkaar stapelt, blijven ze misschien wel liggen, maar ze vormen nog geen muurtje.

Wat heb je nodig om die zinnen aan elkaar te metselen? Metselaars gebruiken specie. Schrijvers hebben structuur- en signaalwoorden. Structuurwoorden zijn woorden die verwijzen naar andere woorden: ‘hiermee’, ‘daardoor’, ‘waarin’, maar ook ‘het’, ‘ze’ en ‘deze’ bijvoorbeeld. Signaalwoorden zijn verbindingswoorden die een signaal afgeven dat de lezer in een bepaalde richting laat denken. Hierbij moet je denken aan woorden als ‘want’, ‘dus’ en ‘ook’. Maar ook aan verbindingszinnen als ‘Onderstaand noem ik drie factoren die het u gemakkelijker maken een nieuwe keuken te kopen’.

Een tekst die wat ‘houterig’ loopt of staccato klinkt, kan lijden onder te weinig signaal- en structuurwoorden. De losse woorden of losse zinnen moeten nog aan elkaar verbonden worden. Natuurlijk zijn er vast ook andere oorzaken te benoemen voor een tekst die niet goed loopt. Maar ga eens op zoek naar de structuur- en signaalwoorden in een tekst die niet goed loopt. Misschien moet je tekst gewoon wat meer structuurwoorden krijgen.

De metselaar die ik onlangs sprak, vertelde me dat de voegen (de specie dus) 20 tot 25% van het totale geveloppervlak besloegen. Dat percentage is gelijk aan het percentage structuur en signaalwoorden in een lekker lopende tekst. Toeval? Ik denk het niet.

(c) Suzanne Meijles, ProTaal

Wil je reageren op dit artikel? Je reactie op dit artikel is zeer welkom. Je kunt hiervoor het onderstaande formulier gebruiken.

De 5 meestgemaakte fouten bij het schrijven van een profiel

juli 22nd, 2009

Hoe gaat het meestal? Je krijgt een tip van iemand die je kent. Dat je écht op linkedin moet, of op twitter, of (als vrouw) op vrouwen in de media. Je wilt niet achterblijven en je neemt eens een kijkje. Het spreekt je wel aan en op een avond meld je je aan. Even snel je naam en andere verplichte velden en klaar! Denk je. Welke van de volgende 5 fouten heb jij gemaakt bij het schrijven van je profiel?

Fout 1: Half-ingevuld profiel
Er mist informatie, waardoor er lege plekken in je profiel te zien zijn. Dat komt over alsof je iets te verbergen hebt. Waarom wil je niet vertellen wat je vooropleiding was? Lezers krijgen argwaan bij halfingevulde profielen. Je wordt dan niet serieus genomen.

Fout 2: Geen foto
Een foto is een van de belangrijkste zaken van een profiel. Mensen willen je leren kennen, daarvoor willen ze een beeld van je krijgen. Een foto is een manier om dat voor elkaar te krijgen. Het maakt een profiel ook veel prettiger om naar te kijken. Een foto waarop je in de lens kijkt, is het beste. Je lezer voelt zich aangekeken en zal daarom meer affiniteit met je hebben.

Fout 3: Te algemene beschrijving
Er zweven op het internet honderden, zo niet duizenden coaches, trainers, adviseurs en interimmers. Het zijn er te veel om onderscheidend te zijn. Zorg dat je herkenbaar bent. Wat is je expertise? Met welke problematiek kunnen mensen bij jou terecht? Heb je een speciale doelgroep? Zo is het mogelijk om ook je als coach bijvoorbeeld jezelf te onderscheiden van al die andere coaches.

Fout 4: Te weinig “personal”, te veel “branding”Profilering op internet is personal branding. Jouw naam is je merk. In veel profielen ligt de nadruk te veel op de branding: wat doe ik allemaal? Maar het persoonlijke ontbreekt. Veel zelfstandigen zijn bang voor het persoonlijke op internet, want “dan kan iedereen het zien”. Verwar ‘persoonlijk’ niet met privé. Sommige informatie hoef je echt niet te delen, maar persoonlijk kan ook best ‘zakelijk’ zijn. Laat zien welke mens er achter jouw naam zit.

Fout 5: Te formeel geschreven
Veel mensen denken dat schrijven iets héél anders is dan spreken. Als ze gaan schrijven, gaan ze hun lezer opeens met “u” aanspreken. Terwijl ze dat in het echte leven niet over hun lippen krijgen. Schrijf alsof je praat met je lezer. Neem gewoon iemand die je kent voor ogen. De woorden zullen dan gemakkelijker uit je toetsenbord komen.

handen De 5 meestgemaakte fouten bij het schrijven van een profielBij netwerken in het “echte” leven geef je ook een hand. Je gaat het gesprek aan. Je vertelt wat je doet, voor wie en waarom. Je vertelt misschien dat je van zeilen houdt, of dat je twee kinderen hebt. Of waarom je dit werk bent gaan doen.

Linkedin, twitter, vrouwenindemedia.nl. facebook, hyves. Als zelfstandige kun je je op het internet tegenwoordig prima profileren. Er zijn zelfstandigen die hun pc niet verlaten en toch veel geld verdienen. Sociale media vormen het nieuwe netwerken. Maar het is in de basis niet zo heel veel anders. Het gaat erom dat mensen je leren kennen, zodat ze je kunnen gaan vertrouwen. En uiteindelijk misschien wel klant van je worden.

Ben jij toe aan het nieuwe netwerken? Laat jij je kennen? Ik ben benieuwd.

Wil je reageren op dit artikel? Graag! Hieronder heb je die mogelijkheid.

Laat jij je klanten aan je ruiken op je website?

juli 7th, 2009

neus 150x150 Laat jij je klanten aan je ruiken op je website?Het is niet meer dan twee jaar geleden dat ik dacht dat mijn website een noodzakelijk kwaad was. Ik had een website, was er ook best tevreden over, zowel met het beeld als met de tekst. Ik kreeg ook complimenten over de uitstraling. Voornamelijk van vrienden en bestaande klanten, trouwens.

Maar nieuwe klanten kreeg ik niet met mijn website. Mijn verklaring toen: het gaat toch om het persoonlijk contact. Ik was sceptisch, niet alleen over websites, maar eigenlijk ook over marketing en internet.

Maar nu word ik gebeld en gemaild door mensen die ik nog nooit persoonlijk heb gezien. Sommigen wonen zelfs niet in Nederland. Maar ze hebben vragen waar ik ze bij kan helpen. En dat doe ik graag. Ze worden klant, nog zonder dat ze mij hebben ontmoet. Is dat magie? Nee, ik heb ingezien wat de kracht is van de wervende tekst en van marketing. Natuurlijk heb ik ook persoonlijk contact, maar het is voor mij niet meer de enige manier.

Het is namelijk heel goed mogelijk om met je website klanten te werven, weet ik nu. De meeste bezoekers worden waarschijnlijk niet na 1 bezoekje aan je website klant, maar er zijn veel zaken op je website waarmee je je bezoekers kunt overtuigen om klant van je te worden. Goede, wervende teksten zijn daarvoor cruciaal.

Veel websites zijn brochures, een uitgebreide beschrijving van “wat doen wij”. Of een verlengd visitekaartje “wie ben ik”. Ook beschrijvingen van missies en visies zijn op veel websites niet van de lucht. Wanneer heb jij voor het laatst een missie of visie op een website gelezen? En àls je dat al een keer gedaan hebt, doe je dat op die website echt niet nog een keer.

Waarom is wervende tekst bij het verkopen van een dienst zo belangrijk? Voor het antwoord moet je eerst het verschil kennen tussen het verkopen van diensten en producten.

Stel je wilt een product kopen, een iPhone bijvoorbeeld. Dan kun je de iPhone van een vriend even vasthouden, even proberen. Daarna kun je in een winkel verschillende soorten bekijken, er een kopen en eventueel terugbrengen als die niet bevalt. Uit onderzoek naar verkoop van producten is trouwens gebleken dat mensen eerder geneigd zijn een product te kopen als ze het in hun handen hebben gehouden.

Maar jij wilt een dienst verkopen. Je organiseert bijvoorbeeld evenementen. Dat kun je niet even vasthouden, dat kun je niet terugbrengen als het niet bevalt. Het verkopen van een dienst is dus een ander vak dan het verkopen van een product. Hoe verkoop je iets wat je niet kunt aanraken, niet kunt proberen, niet kunt terugbrengen?

Wat kun je nu doen om met je website meer klanten aan te trekken? De juiste woorden kiezen, daar gaat het om. Met tekst kun je je bezoeker laten ruiken, voelen, proeven aan jouw dienst. Met een dienst kun je dat doen door jouw dienst zo te beschrijven dat je lezer precies die emotie krijgt die jij wilt.

Schrijf over de problemen van je lezer, zijn angst, over de hobbels die hij of zij in het leven ervaart. Laat zien dat je je lezer begrijpt. En waar jij bij kunt helpen. Als je dienst voor een groot deel bestaat uit jou, dan is het handig als je laat zien wie je bent. Met een foto natuurlijk, maar ook weer met tekst. Laat je kennen, net zoals je zou doen als iemand je in het echte leven vraagt wie je bent en wat je doet.

Wervende teksten zijn meer dan “gewoon reclame”. Het is een ultieme manier om je website-bezoeker aan je te laten ruiken, voelen en proeven. Durf jij dat aan?

Wil je reageren op dit artikel? Dat waardeer ik enorm! Je kunt je reactie hieronder achterlaten. Daarvoor mijn dank.

© Suzanne Meijles

Hoe schrijf je niet-overtuigend over appeltaart?

juni 22nd, 2009

Dit weekend liep ik V&D in Rotterdam binnen. Als leesomnivoor viel mijn oog op de reclamezuil bij de ingang. Een plaatje van een overheerlijk uitziend appeltaartje keek mij aan. En de tekst erboven luidde: “Verse lage prijs”. Dat snap ik niet. Is dat leuk bedoeld? Of is het serieus door iemand bedacht? Ik raak er in ieder geval niet echt warm voor.

appeltaart1 150x150 Hoe schrijf je niet overtuigend over appeltaart?
Hoe komt het nu dat ik afhaak door de tekst bij dat toch overheerlijke plaatje? Het antwoord is simpel: de vorm en de inhoud sluiten niet op elkaar aan. Als er in het bovenstaande voorbeeld had gestaan “Overheerlijke appeltaart voor maar EUR 2,75” dan had ik er niet over nagedacht. Ander alternatief dat meer de prijs benadrukt dan het product: “Altijd lage prijs”.

Ook op websites gebeurt het vaak dat de vorm (plaatjes, uitstraling) en inhoud (tekst) niet met elkaar overeenkomen. Een foto van een schuurtje in de tuin en de kinderen op de website, maar wel de lezer aanspreken met “u” en naar het eigen bedrijf verwijzen als “wij”. Niet handig, want je brengt je bezoeker in verwarring.

Natuurlijk heb je het zelf in de hand dat vorm en inhoud op elkaar aansluiten. De eerste stap is dat je je ervan bewust bent dat je website uit meer bestaat dan alleen maar beelden. Dit blijkt voor grafisch vormgevers soms een moeilijk te nemen stap. Maar als je je niet alleen maar richt op vakgenoten, is het handig om óók tekst op je pagina te zetten.

De tekst op je website moet – net als de beelden – de sfeer uitademen van wat jouw bedrijf je klant te bieden heeft. Persoonlijk als het gaat om personen bijvoorbeeld. Zakelijker als het gaat om pijpleidingen, stel ik me zo voor.

Als je lezer wordt afgeleid, dan ben je hem kwijt. Je kunt hem gemakkelijk afleiden door een tekst die niet aansluit bij het beeld, of door een spelfout of door een tekstje dat te snel verdwijnt. En dan moet je weer heel veel moeite doen om hem weer aan te trekken.

De appeltaart heb ik overigens niet gekocht, dat mag duidelijk zijn. Ik was nog te veel aan het nadenken over de grammaticale constructie van de zogenaamde wervende tekst op het bordje. Maar ja, ik ben dan ook wel een beetje beroepsgedeformeerd.

Wil je reageren op dit artikel? Graag! Je kunt hiervoor de reactie-button hieronder gebruiken.

(c) Suzanne Meijles

Wat kan er fout gaan in een overtuigende tekst? (deel 1)

juni 5th, 2009

Ik zat gisteren in een eetcafé. Onderaan de menukaart stond: “Is het geen goed idee om een cadeaubon van Eetcafé Bon te bestellen!!” Ik vraag me af of er klanten zijn die zich door deze vraag geïnspireerd voelen om zo’n cadeaubon te kopen.

Dat bij de vraag het vraagteken was vervangen door een uitroepteken, laat ik maar even buiten beschouwing. Dat maakt het weliswaar niet makkelijker om te lezen maar het was vooral het gedeelte “Is het geen goed idee om…” dat me in verwarring bracht.

Wat maakte nou dat ik niet overtuigd raak door “Is het geen goed idee om…”? Er zijn twee redenen te noemen.

Allereerst word ik niet aangesproken. Als er had gestaan: “Vind u het geen goed idee om…” was ik al meer geprikkeld geraakt om erover na te denken. “Is het geen goed idee…” verwijst nu naar een algemeen idee. Iets waar mensen het al min of meer over eens zijn. In dit geval verwijst het naar iets waar ik nog nooit over had nagedacht, namelijk: een cadeaubon kopen bij dat eetcafé.

Maar er is nog iets aan de hand met deze zin.
Dat zit voornamelijk in “geen goed idee”. Daar zit een ontkenning in, iets dat NIET waar is. Als ik antwoord op de vraag zou geven, twijfel ik tussen: Ja, dat is geen goed idee en Nee, dat is wel een goed idee. Snap je het nog?

Een ontkenning (niet, geen) in combinatie met een vraag werkt verlammend. Ik weet niet wat ik moet kiezen. Een zin die waarschijnlijk veel beter werkt, is:“Wist u dat u ook een Bon-cadeaubon kunt kopen?” Of “Geef ook eens een cadeaubon van Eetcafé Bon cadeau!” (Nu wel het uitroepteken op de juiste plaats).

Als je je lezer wilt overtuigen, moet je hem aanspreken. Dat kan met “u” en een vraag, maar ook met een gebiedende wijs (geef cadeau!). En geen ontkenning gebruiken in een zin. Maak het je lezer gemakkelijk! Dat is een voorwaarde om te kunnen beginnen met overtuigen!

Wil je reageren? Graag! Je kunt hieronder je bericht achterlaten. Als je nieuwsgierig bent geworden naar meer blogs, abonneer je dan op dit weblog. dat kun je eenvoudig doen door rechtsboven je e-mailadres en naam achter te laten.

Suzanne Meijles, ProTaal (c)

5 tips om wervende koppen te schrijven die je lezer de tekst inzuigen

juni 5th, 2009

Waarom gebruik je titels en koppen? Om aandacht te trekken? Om nieuwsgierigheid te kweken? Als belofte van wat er gaat komen? Of om je lezer te verleiden door te lezen? Waarschijnlijk allemaal! Toch liegen de statistieken er niet om: 8 van de 10 mensen lezen de titel wel, maar slechts 2 van de 10 lezen ook de rest van de tekst.

Het kan genadeloos mis gaan met koppen en titels. Als je lezer niet wordt geprikkeld door je titel, leest hij je tekst helemaal niet. En heb je voor niets je best gedaan.

Veel mensen denken dat je talent moet hebben om een goede kop te kunnen maken. Maar talent is echt niet nodig. Inspiratie evenmin. Misschien wordt niet iedereen een romanschrijver, maar het schrijven van een informatieve en wervende kop, dat kan iedereen leren.

Hoe schrijf je dan die kop die aantrekt, werft en prikkelend is? Hieronder vind je 5 adviezen die je kunnen helpen.

1. Focus dus op de voordelen die je lezer kan behalen door je tekst te lezen.
Een titel waarin staat wat de inhoud van de tekst oplevert, is aantrekkelijk. En dat zorgt er in de meeste gevallen voor dat de lezer doorleest. Beloof dus in je titel iets wat je in je tekst waar maakt. Bijvoorbeeld: “Nee zeggen tegen je kinderen terwijl het thuis toch gezellig blijft.“

2. Laat in je titel zien welk probleem je oplost: “10 tips om je energierekening te verlagen”.

3. Ook een titel met een vraag die je lezer aanspreekt, helpt om je lezer te laten doorlezen. Je stelt de vraag die je lezer misschien al heeft. Of kan hebben. Maar het is ook mogelijk dat hij niet weet wat hij wilde weten. En dát is prikkelen! Bijvoorbeeld: “Hoe kun je afvallen en toch alles blijven eten wat je wilt?”

4. Beschrijf zo specifiek mogelijk. Dus niet “Een gezonde werkplek” maar “Hoe je in 7 stappen een gezonde werkplek maakt”. Als je een aantal gebruikt, maak je bovendien een heel specifieke belofte. Die extra prikkelt. Je moet je belofte natuurlijk wel weer inlossen.

5. Construeer je koppen op zo’n manier dat je boodschap ook duidelijk is als je lezer alleen de (tussen)koppen leest.
Op die manier geef je je lezer voldoende kans om je tekst te scannen. Je lezer kan dan zelf besluiten of hij de tekst helemaal wil lezen. Een scanbare tekst maak je door bijvoorbeeld witregels in te voegen, kernwoorden vet te maken en door opsommingen te gebruiken.

Het schrijven van een goede kop is belangrijk om je lezer te prikkelen verder te lezen. Want daar gaat het uiteindelijk om: tekst die je schrijft, moet gelezen worden. Een prikkelende titel is een eerste stap. En elke volgende zin is een volgend stapje. Om je lezer weer de volgende zin te laten lezen. Ik hoop dat je met dit artikel weer een stapje verder kunt.

© Suzanne Meijles, ProTaal

Tijd om je website te updaten?

mei 7th, 2009

Je hebt al een tijdje een website. Die werkt prima als een soort verlengd visitekaartje: de mensen die je ontmoet, verwijs je met een gerust hart. Hoewel…. Nu het qua werk wat rustiger is, neem je weer eens een kijkje op je eigen site. En: je schrikt!

Heb jij dat werkelijk geschreven? Al die lange zinnen, afschuwelijk formele woorden. Je kunt je niet meer herinneren dat je er echt trots op was. Wat nu?

Eens in de zoveel tijd moet je je website aan een kritische blik onderwerpen. En als je even wat minder werk hebt, is dat een uitstekend moment. Erno Hannink schreef overigens in een mooi artikel welke dingen je nog meer kunt doen op het web in rustige tijden: http://www.ernohannink.nl/archives/2009/05/05/10-dingen-die-je-juist-nu-kunt-doen/

Met een aantal simpele ingrepen kun je je website updaten:
1. Kijk of alle informatie op je website nog klopt. Informatie die verouderd is of niet (meer) klopt, verwijder je meteen.

2. Neem je homepage onder de loep. Dat is de pagina die het meeste dienst doet als visitekaartje. Heb je duidelijk vermeld wie je doelgroep is en tegen welke problemen je doelgroep aanloopt? Vertel ook wat jij te bieden hebt.

3. Ga na of je op elke pagina een oproep tot actie doet. Vertel je bezoeker letterlijk wat je wilt dat hij doet. Bijvoorbeeld “Wil je meer weten over …. (jouw dienst), neem dan contact met me op. We kunnen dan eens vrijblijvend over jouw vraag van gedachten wisselen.”

Als je nog meer tijd hebt, kun je aan de volgende zaken aandacht besteden:
4. Beoordeel je website op toon. Is het duidelijk wie je aanspreekt? Wil die doelgroep met “je” of “u” aangesproken worden? (Zie ook mijn gastblog op http://www.getclientstips.nl/getclientstips/2009/05/gebruik-je-je-of-u-op-je-website-.html

5. Doe je inmiddels meer of andere dingen dan je website vertelt? Pas je website hierop aan: schrijf wat je (nieuw) doet, voor wie je dat doet en wat je klanten daarvan vinden.

Nog een laatste tip: voer één stap per keer uit. Je hoeft echt je website niet in één keer helemaal te vernieuwen. Als je er elke dag een uurtje aan kunt werken, heb je vast al veel gedaan aan het einde van week!

Hoe vergaat het updaten van je website jou? Ik ben benieuwd. Als je wilt reageren, graag. Dat kan hieronder.

© Suzanne Meijles

Hoe krijgt jouw tekst de juiste toon?

april 16th, 2009

Je hebt een tekst geschreven, bijvoorbeeld voor je nieuwsbrief of je website. Over de inhoud valt niet te twisten: die is gewoon goed. Maar echt uitnodigend, naar de klant toegeschreven, enthousiast? Nee, terwijl je dat in persoonlijk contact wel zo goed naar voren weet te brengen. Maar de toon van je zakelijke tekst is toch wat anders.

Wat is precies de juiste toon? De juiste toon bestaat uit twee componenten. Ten eerste is de juiste toon een toon waardoor je lezer (je klant in veel gevallen) zich voelt aangesproken. Maar alleen dat is niet voldoende. De juiste toon wordt ook gevormd door jouw persoonlijkheid. Dat maakt het ook zo moeilijk om je tekst uit te besteden aan een ander. Die gebruikt waarschijnlijk niet dezelfde woorden als jij.

Dat lijkt eenvoudig. Maar waarom is het dan soms zo moeilijk om de juiste toon te vinden als je schrijft? Omdat we hebben geleerd dat schrijftaal iets heel anders dan spreektaal is. Veel mensen gaan andere woorden gebruiken als ze schrijven. “Dure” woorden. Of woorden uit de 18e eeuw (desalniettemin bijvoorbeeld). En als je schrijft, kun je natuurlijk langer nadenken over je zin. Die zin wordt vanzelf langer als je er steeds iets tussen kan zetten. En zo verdwijnt jouw toon uit je tekst.

Hoe vind je de juiste toon? Zoals ik hierboven al schreef: de juiste toon ben je voor een groot deel zelf. Schrijf dus als jezelf. Welke woorden zou je gebruiken in een gesprek? Hoe zou je iemand uitleggen wat je doet als je hem of haar zou spreken? Schrijf bijvoorbeeld eens een stukje tekst over je bedrijf met je buurman in gedachten als lezer. Wat doet dat met je toon?

Daarnaast spreek je de lezer aan met de juiste toon. Je kunt je lezer aanspreken door letterlijk “je” of “u” te gebruiken. Maar ook door een vraag te stellen. Of een suggestie te doen. Eigenlijk zoals je in het echte leven ook met iemand praat.

Schrijven in de juiste toon is niet veel anders dan praten met je lezer. Dit is geen pleidooi voor Jip-en-Janneke-taal, het gaat namelijk verder dan makkelijke woorden en superkorte zinnen. Het gaat erom dat je tekst jouw persoonlijkheid weerspiegelt. En dat je tekst aansluit bij je lezer, dat je schrijft voor jouw ideale lezer (en niet alleen maar uit jezelf).

Als je praat met je lezer, zul je zien dat de zinnen sneller op papier komen, dat het gemakkelijker wordt om te schrijven. Maar dat niet alleen: je geeft je lezer de kans om je te leren kennen en je te vertrouwen. En dat leidt er uiteindelijk weer toe dat je klanten aantrekt die zich aangesproken voelen door jou.

© Suzanne Meijles

Waarom beginnen met schrijven zo moeilijk is

april 7th, 2009

De laatste tijd ontmoet ik veel mensen die graag een artikel willen schrijven, maar er niet aan toe komen. Als ik dan doorvraag, blijkt de motivatie er wel te zijn, maar ontbreekt het aan tijd. Herkenbaar? Het schrijven van een tekst, zonder verdere verplichting, is vaak iets wat in je achterhoofd zit. Iets wat je ook nog een keer zou willen doen.

Zeg eens eerlijk, waarom denk je zelf dat het zo moeilijk is om te beginnen? Is het werkelijk een gebrek aan tijd? Of zie je er gewoon een beetje tegenop? Voor de meeste mensen is het dat laatste. Ze denken dat ze te weinig tijd hebben, omdat ze ervan uitgaan dat het schrijven van een artikel bijvoorbeeld, heel veel tijd kost. En daar zien ze tegenop. Wanneer zou je die enorme klus moeten klaren?

Maar in werkelijkheid weet je niet hoeveel tijd iets kost als je het nog nooit gedaan hebt… De enige manier daarachter te komen, is het een keer te doen en goed bij te houden hoeveel tijd het je in werkelijkheid kost. Een advies dat je daarbij kan helpen is dat je jezelf een tijdslimiet stelt. Je plant bijvoorbeeld een half uur per dag waarin je werkt aan je artikel. Op die manier deel je die ‘enorme’ klus op in stukjes. Je zult zien dat je in een half uur al veel kunt doen. De volgende dag doe je het weer een half uur. En aan het eind van de week heb je dan 2,5 uur aan je artikel gewerkt (en is het misschien al klaar).

Een tweede reden waarom mensen moeite hebben met het beginnen met schrijven is “het lege scherm-syndroom”. Je opent een scherm in Word om een artikel te schrijven en je staart naar het lege scherm. Als je al inspiratie had, verdwijnt die als sneeuw voor de zon.

Wat kun je hieraan doen? Ik geef je twee adviezen. Het eerste advies is: besteed eerst eens 20 minuten aan het maken van een lijst van onderwerpen waar je mogelijk iets over kunt schrijven. Dat zijn onderwerpen waar je veel van weet, waar je iets over kunnen delen en waar je een bepaalde visie op hebt.

Als je voor één onderwerp hebt gekozen, besteed de eerste 10 minuten dan aan een werktitel en een opzet van je artikel. Die opzet maak je door vragen te beantwoorden als: Wat is de vraag die je in het artikel wilt beantwoorden? Welk antwoord geeft je tekst daarop? Welke argumenten heb je nodig om tot dat antwoord te komen? Als je die vragen beantwoordt, heb je een raamwerk voor je artikel. Dat kan je in een tweede stadium gaan invullen.

Beginnen met schrijven is kortom, niets anders dan elke dag een beetje schrijven, dat helpt je om in de schrijfmodus te blijven. Want beginnen is niet meer dan de eerste stap. Je wilt natuurlijk dat je tekst uiteindelijk ook afkomt. En dat gaat je lukken als je het schrijven ziet als een proces dat je kunt opdelen in kleinere onderdelen.

Als je wilt reageren op dit artikel: graag! Gebruik hiervoor het reactieformulier hieronder.

© Suzanne Meijles, ProTaal